1913
soci√ęteitsgebouw


Ook niet-leden van de Koninklijke Industrieele Groote Club kunnen gebruik maken van het schitterende pand in het hart van Amsterdam. De vele zalen met elk hun karakteristieke sfeer lenen zich uitstekend voor uiteenlopende evenementen. Van uw boekpresentatie tot een exclusief diner of vergaderarrangement. Van uw huwelijk tot een besloten feest. Van uw personeelsfeest tot lezingen. Wat voor event u ook organiseert, het monumentale pand met een klassiek moderne en mystieke sfeer, zorgt voor de perfecte beleving. Tel daar de servicegerichte en bekwame medewerkers bij op, en u bent verzekerd van een onvergetelijke dag.

De Club beschikt over acht ruimten, waaronder een restaurant, Bar en Clubzaal. De Groote Zaal heeft een bijzonder uitzicht op het Rokin en biedt ruimte aan 175 personen voor een receptie en maximaal 155 voor een diner. De overige zalen hebben elk een indrukwekkend uitzicht op het Koninklijk Paleis en monument op de Dam.
Het maximale aantal personen voor de gehele locatie bedraagt 550 personen voor een informeel evenement. Gedurende de week zijn het restaurant, de Bar en de Clubzaal enkel toegankelijk voor leden, maar vanaf vrijdagmiddag 15.00 uur kan de locatie exclusief worden afgehuurd.

Historia

In 1788 werd Doctrina et Amicitia opgericht. Een leesgezelschap waarvan de meeste leden lid waren van de in dat jaar verboden patriottische club 'Vaderlandsche Soci√ęteit'. Afkomstig uit de Amsterdamse koopmansstad, de rechterlijke macht, het notarisambt en de ambtenarenwereld. Het was een ontmoetingsplek waar revolutionaire comit√©s werden gevormd.
In 1872 werd Soci√ęteit de Groote Club opgericht die ten doel had 'in goed ingerichte lokalen het gezellig verkeer te bevorderen tussen haar leden'. Daartoe werd het pand gebouwd op de hoek van de Kalverstraat en de Dam. In 1922 fuseerde Doctrina et Amicitia met Soci√ęteit de Groote Club; zij gingen samen verder onder de naam 'Soci√ęteit De Groote Club Doctrina et Amicitia'.
In de Tweede Wereldoorlog werd het gebouw door de Duitsers in beslag genomen en doorverkocht met de toezegging dat de Club het gebouw na de bevrijding zou kunnen terugkopen. Deze toezegging werd helaas nooit op schrift gesteld. Uiteindelijk heeft de Club tot 1975 het pand gehuurd totdat zij de inmiddels sterk gestegen huurprijs niet meer konden opbrengen.
Een fusie in datzelfde jaar met de Industrieele Club bracht uitkomst. Beide clubs besloten om het soci√ęteitsleven in de lokaliteiten van de Industrieele Club voort te zetten onder de naam van de 'Industrieele Groote Club' (IGC).

Onder de naam 'Industrieele Groote Club' wordt sinds 1975 het soci√ęteitsleven voortgezet in het huidige soci√ęteitsgebouw 'Industria'. Tot op de dag van vandaag beschikt zij daar nog steeds over de parterre en de eerste en tweede verdieping. In 2013 werd de Club het predikaat Koninklijk verleend en heet sindsdien de Koninklijke Industrieele Groote Club.
Het huidige ledenbestand bestaat uit bedrijfsleden (afgeleid van de Industrieele Club) en particuliere leden (afgeleid van de Groote Club 'Doctrina et Amicitia'). De Club is een eigen wereld in de stad. Waar leden samen met hun gasten kunnen ontspannen.

Het gebouw van de Industrieele Club werd ontworpen door architect Foeke Kuipers. Voor het ontwerp van Industria liet Kuipers zich inspireren door de verderop gelegen Beurs van Berlage. Ook Industria is opgetrokken uit baksteen afgewisseld met natuurstenen elementen en sculptuur die zorgvuldig in het gevelvlak zijn weggewerkt. Een andere overeenkomst met de Beurs is dat elk van de vier gevels, afhankelijk van de stedenbouwkundige context, anders is vormgegeven.
Met de bouw werd in 1913 een begin gemaakt. Maar bij het grondwerk stuitte men op de overblijfselen van de middeleeuwse sluismuren van de dam in de Amstel. Het bleek de sluis te zijn waarop de legende van het buskruitschip steunt, waarvan het zogenoemde 'trommelen op de Beurs' afkomstig is. Met verscheidene onderbrekingen werd de bouw voltooid op 8 januari 1916. Op die dag kon het gebouw officieel worden geopend door de toenmalig Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel, de heer Posthuma.

Kuipers ontwierp niet alleen het gebouw, maar was ook verantwoordelijk voor de aankleding. Deze eenheid tussen architectuur en inrichting maakt Industria tot het illustere rijtje gebouwen uit de vroege twintigste eeuw die als 'gemeenschapskunst' zijn ontworpen: kunst en kunstnijverheid ondersteunen en accentueren de architectuur
De door Foeke Kuipers ontworpen inrichting is deels intact gebleven. Behalve de nagelvaste onderdelen als parketvloer, houten lambriseringen en plafonds, zijn ook diverse in decoratief smeedijzer uitgevoerde lampen en hekjes, glas-in-loodschermen en het meubilair nog oorspronkelijk. Hoewel iedere zaal een eigen karakter heeft, is er een duidelijke lijn te zien tussen de zalen onderling. Onder andere door de houten lambriseringen, glas-in-loodramen en plafonds met vierkante velden.
Kies categorie voor meer info
Vergaderen Congressen Dineren Trouwen Feesten