Meer informatie?
Bel 0252-714062
15e/17e eeuw
Woonhuizen / kapel


Het vijfsterrenhotel NH Barbizon Palace in Amsterdam is gelegen in het hart van het oude Amsterdam en de beroemde bezienswaardigheden zijn eenvoudig bereikbaar te voet of met het openbaar vervoer.
Het hotel ligt recht tegenover het Centraal Station van Amsterdam en op 5 minuten loopafstand van de Dam. De rosse buurt en Chinatown bevinden zich eveneens vlakbij. Het hotel NH Barbizon Palace is op unieke wijze samengesteld uit negentien 17e-eeuwse huizen met prachtige architectuur en een 15e-eeuwse kapel die dienst doet als conferentiecentrum.

Naast de 274 gedistingeerde kamers bevat het hotel NH Barbizon Palace een fitnessruimte en sauna met een wellnessruimte. Het hotel biedt een eigen aanlegplaats voor boten. Geniet van een ontbijt, lunch of diner in Hudson's Terras & Restaurant, gelegen in het midden van de lichte en ruime hotellobby of dineer in het elegante Restaurant Vermeer, winnaar van verschillende internationale prijzen.

Historia

NH Barbizon Palace is gevestigd in het oudste deel van Amsterdam achter de gerestaureerde gevels van negentien authentieke 17e-eeuwse panden.
Het hotel is gevestigd in een deel van Amsterdam, waarvan de geschiedenis teruggaat tot het begin van de 15e eeuw. Eens waren hier de teertuinen van de Amsterdamse scheepsbouw gevestigd. Amsterdamse kooplieden besloten toen het water, dat daar nog vrij spel had, te dempen en het aldus verworven land te gebruiken voor de opslag van hout. Later werd de Zeedijk volgebouwd met pakhuizen voor de opslag van meer kostbare goederen en werd er ook een begin gemaakt met de bouw van woonhuizen. In 1565 doet de eerste teerhandel zijn intrede. Teer was in die periode een belangrijk artikel in de scheepsbouw. Hiermee werden schepen en scheepstouwen waterdicht gemaakt. De teerhandel beleefde een lange bloeiperiode. In de 18e en 19e eeuw begint deze handel echter aan betekenis te verliezen en vestigen zich ook andere bedrijven op de Zeedijk. Er treedt geleidelijk versnippering op. In 1742 is op de Zeedijk een grote verscheidenheid aan bedrijven gevestigd. Het jaar 1875 levert een totaal ander beeld op. De Zeedijk ontwikkelt zich sindsdien steeds meer tot een winkelstraat. Door leegstand en verval van panden op en om de Zeedijk raakt de loop er echter uit. Besloten wordt tot de bouw van het Golden Tulip Barbizon Palace dat zal moeten leiden tot een herstel van de Zeedijk.

Het hotel is een mengvorm van monument en nieuwbouw en omvat in totaal negentien monumentale panden. Deze panden, waaronder zich de oudste houten woning van Amsterdam bevindt, dateren uit de 16e en 17e eeuw.

In september 1988 vindt de officiële opening van het Golden Tulip Barbizon Palace plaats dat destijds onderdeel vormde van Golden Tulip International, een Nederlandse keten van eerste klas hotels, verspreidt over de hele wereld. De naam Barbizon wordt door Golden Tulip gereserveerd voor hotels in New York, Amsterdam, Toledo, Parijs, op Aruba en voor andere belangrijke KLM-bestemmingen.
De naam Barbizon is ontleend aan een plaatsje in het bos van Fontainebleau bij Parijs. Hier ontstond in het midden van de 19e eeuw de Schildersschool van Barbizon. De Golden Tulip organisatie laat zich bij het inrichten van de Barbizon hotels inspireren door het palet van deze schilders.

In juli 2000 werd de Nederlandse Golden Tulip hotelketen overgenomen door NH Hoteles uit Spanje waarvan het hoofdkantoor in Madrid gevestigd is.

St. Olofskapel:
Wie voor de St. Olofskapel staat zal zich niet onmiddellijk realiseren wat voor lange en boeiende geschiedenis het gebouw heeft.

De felle brand in 1966 leek het definitieve einde voor de historierijke St. Olofskapel. Het Barbizon Palace wilde echter niet dat een van de oudste gebouwen van Amsterdam (de St. Olofskapel dateert van ca. 1440) verloren ging en besloot het gebouw in oude luister te herstellen met alle comfort en faciliteiten van vandaag de dag. Zo werd de kapel de ideale congres- en feestruimte. Vanaf 1993 heeft de St. Olofskapel deze nieuwe bestemming gekregen. Zij biedt een sfeervolle entourage voor congressen, diners, recepties en feesten tot 500 personen.

in de loop der eeuwen is de stad Amsterdam een aantal malen vergroot of ‘uitgelegd’. De eerste vergroting vond eind 14e eeuw plaats door aan weerszijden van de Amstel de Oudezijdse Voorburgwal en de Nieuwezijdse Voorburgwal te graven. De stad heette de ‘Oude Zijde’ aan de oostkant van de Amstel en de ‘Nieuwe Zijde’ lag aan de westkant. De wallen werden beveiligd door drie stenen stadspoorten. Eén van die poorten stond naast de huidige St. Olofskapel en kreeg de naam St. Olofspoort.
De kapel stond langszij de St. Olofspoort met haar ingang aan de Zeedijk en was ongeveer 15 meter lang en 8 meter breed.

Amsterdam onderhield een intensieve handel met Noorwegen. Om de Noorse zeelieden te behagen, werd de kapel St. Olofskapel genoemd, naar een Noorse heilige en schutspatroon voor zeelieden.

Rond 1490 werd het kerkje vergroot. Een huis aan de Nieuweburgsteeg, of zoals ze toen heette Kapelsteeg, werd afgebroken, waardoor de kerk tot de steeg kon worden doorgetrokken. Langs de Zeedijk werd een tweede achtkantige kapel gebouwd, de Jeruzalemkapel. Deze kapel was een plaats van samenkomst voor diegenen die aan een kruistocht hadden deelgenomen en het Heilige Graf in Jeruzalem hadden bezocht.

De Oudezijds Kapel bleek al gauw te klein voor de snelgroeiende gemeente. Een ingrijpende verbouwing vond plaats in 1644. Voor de uitbreiding van de kerk, die oorspronkelijk Gotisch van uiterlijk was, werden zowel Neo-Gotische als Renaissance elementen gebruikt.

Zowel de Jeruzalemkapel als een aantal huizen aan de Nieuweburgsteeg werden neergehaald. Aan de Nieuweburgsteeg werden, naast de bestaande gevel van 1451, twee puntgevels gebouwd. Doordat ook de kant aan de Zeedijk met twee puntgevels werd getooid, kreeg de kerk een bijna vierkant uiterlijk. Op het dak staat een elegant klokkentorentje, dat nog dateert uit de 16e eeuw. De wijzerplaat heeft slechts één wijzer, toen heel gewoon.
De kerk had een aantal ingangen. Afhankelijk van de status van de persoon, kwam deze door één van de poorten binnen. Deze ingangen waren status afhankelijk.

De top van het portaal aan de Zeedijk is versierd met doodsemblemen en is waarschijnlijk afkomstig uit de Westerkerk. Het wordt toegeschreven aan Hendrick de Keyser, een groot beeldhouwer en architect uit die tijd.
Het onderschrift luidt: ‘Spes Altera Vitae’, dat strikt vertaald wordt als ‘De ander hoop des levens’. In de 19e eeuw werd het ontwerp niet gewaardeerd en hield men het verborgen achter een houten bekisting. De timmerlieden die dit omhulsel in 1838 hebben gemaakt, lieten hun naam achter in de binnenkant.

Van binnen wordt de kerk ondersteund door vier massieve Ionische zuilen, in het kapiteel versierd met een ornament van bladeren. Een laat-Gotische zuil diende in de 17e eeuw als voorbeeld om de drie anderen in stijl na te maken. Langs de muren staan halfzuilen.

Er werd veel aandacht besteed aan de afwerking. De houten galerij stond aan de kant van de Nieuwebrugsteeg en bood niet alleen extra ruimte aan kerkgangers, ze maskeerde ook dat de muur schuin was.
Gesneden 17e-eeuwse beeldjes versierden de sluitstukken van de bekapping en aan de hand van één overgebleven beeldje heeft een Zeeuwse beeldhouwer nieuwe kopjes gemaakt. Een groot verschil met de 17e-eeuwse gezichten die vrijwel identiek aan elkaar waren, is dat de 20ste-eeuwse kopjes onderling verschillend en zeer expressief zijn. De jaartallen op de trekbalken die ook weer door een cartouche verfraaid waren, refereerden aan de bouwtijd. De profielen van de sleutelstukken waren versierd met getailleerd houtsnijwerk.

Het meubilair in de kerk was, in tegenstelling tot de Neo-Gotische verbouwing, juist typisch 17e-eeuws. De preekstoel van eikenhout en met fraai snijwerk versierd, stond op een voet van zwart rood marmer. Ook de eikenhouten banken waren versierd met snijwerk. Michiel de Ruyter, de beroemde zeeheld, ging hier ter kerke en had zijn vaste zitplaats. Kerken hadden in die tijd geen stoelen, maar banken die langs de zijkant stonden waardoor de kerk veel groter leek.

De kerk werd verlicht door koperen kaarsenkronen en op de vloer lagen blauwe zerken. De gewelven waren voorzien van een 16e-eeuwse beschildering, het gevecht voorstellende van koning Olaf met de Deense koning Kanoet.

De 17e en 18e eeuw brachten geen grote gebeurtenissen met zich mee voor de Oudezijds Kapel. Pas eind 19e eeuw kwam de kerk in het bezit van een orgel, gebouwd door Fa. Flaes en Bunjes. Tussen 1890 en 1912 werd een Duitse eredienst in de Oudezijds Kapel gehouden, omdat de eigen kerk van deze gemeente, de Nieuwezijdse Kapel, werd afgebroken. Na het vertrek van de Duitse gemeente, begon ook het verval van de Oudezijds Kapel. In 1917 werden de eikenhouten banken, de preekstoel en het orgel aan andere kerken verkocht. De kerk werd lange tijd gebruikt door uiteenlopende instanties. Zo bood ze onderdak aan vluchtelingen tijdens de Eerste Wereldoorlog en werden er bijeenkomsten gehouden door het Leger des Heils. Van 1935 tot 1961 vond er wekelijks een kaasmarkt plaats.
De eigenaar van de kerk, de Hervormde Gemeente, bezat niet over de middelen om het gebouw op te knappen, en besloot tot sloop over te gaan. Gelukkig kwam er van vele kanten verzet. In 1963 kocht de Stichting Kunstkontakt, met behulp van een hypotheekbank, de kapel en de vijf aanliggende huizen in de St. Olofspoort om er tentoonstellingen en artistieke manifestaties te houden. Binnen een jaar werd op last van Bouw- en Woningtoezicht de kapel gesloten. De stichting ging failliet en de hypotheekbank nam de panden over. Tijdens het lassen van een stalen stutconstructie brak in 1966 brand uit met als gevolg dat de bovenste helft van de kerk afgebroken werd om instorting te voorkomen. In 1967 gaf de hypotheekbank de kapel en de huizen met een subsidie aan de Vereniging Hendrick de Keyser, die de restauratie op zich zou nemen.

De panden aan de St. Olofspoort werden gerestaureerd, maar de vernieuwing van de kerk liet op zich wachten. Daar ook deze instantie de restauratie niet aankon, gaf ze de kerk aan de Gemeente Amsterdam.
Eind jaren tachtig trok de Stichting Restauratie Monumenten Amsterdam zich het lot aan van deze eens zo schitterende kapel en kwam met een nieuw plan. Indien zij het gebouw voor fl. 1,00 kon overnemen, zou zij zorgdragen voor de restauratie. Het Golden Tulip Barbizon Palace toonde interesse het gebouw te huren en te exploiteren als Congres Centrum. De drie partijen vonden elkaar snel en in mei 1990 werd een begin gemaakt aan de immense restauratie.

De restauratie van 1990 – 1992:

Bij de restauratie hield men de kerk in haar hoedanigheid van 1644 voor ogen.
Gelukkig bleek de oorspronkelijke fundering nog in goede staat en hoefde deze slechts aangevuld te worden. Meer dan 6000 skeletten werden opgegraven en overgebracht naar de Noorderbegraafplaats. De grafstenen werden tijdelijk verwijderd om opgeknapt te worden. Nu kon ook in de diepte worden gewerkt om een extra ruimte te creëren en vloerverwarming aan te leggen. Het dak werd gelicht en de balken werden gerepareerd of vernieuwd. Ook de spitsboogvensters en topgevels werden onder handen genomen. Al het houtwerk werd opnieuw gesneden of, voor zover het nog in goede staat was, gerestaureerd. Uit praktische overwegingen werd de galerij verplaatst naar de kant van de St. Olofssteeg.
Onder de nok werd de complete technische voorziening voor licht en geluid weggewerkt. Het torentje, dat al in de 19e eeuw wegens bouwvalligheid was gesloopt, werd aan de hand van gravures opnieuw gemaakt en heeft, net als toen, één wijzer. Ook de pothuizen zijn weer op hun plaats teruggekomen.

Veel moeite werd gedaan om originele onderdelen van de kerk terug te vinden die in de 20ste eeuw waren gaan zwerven. Zo prijkt de bank van Michiel de Ruyter weer in de kapel en is een eikenhouten binnenportaal geplaatst op de Mezzanine. De palmtakken herinneren aan de tijd van de Jeruzalemkapel. Een laat-Gothisch vrouwenbeeldje met een masker erboven schittert weer onder het gewelf.

De 15e-eeuwse kapel is niet neergehaald, maar in al haar glorie hersteld. Met liefde voor de historie en met een praktische kijk op de eisen van de 21ste eeuw is de St. Olofskapel een waardig Congres Centrum geworden. En net als in de 17e eeuw, is het een plek om bijeen te komen. Niet meer als gelovige, maar als gast.
Kies categorie voor meer info
Vergaderen Congressen Feesten Dineren Hotelovernachting